De Grote Trek

In augustus loopt een ooievaarszomer ten einde. De jongen zijn net op tijd zelfstandig geworden en bereiden zich voor op de grote trek naar het zuiden. De trekrichting is aangeboren, zij vinden de weg naar Afrika ook zonder begeleiding van volwassen vogels. Ongeveer een week nadat ze hun geboortestreek vaarwel hebben gezegd, volgen de oudere vogels.

De ooievaar zweeft door het luchtruim

Eigenlijk hebben ooievaars een hekel aan vliegen. Veel liever zweven ze door het luchtruim. Sterker nog, vliegend zouden ze Afrika nooit bereiken. Zweven is van levensbelang. Ooievaars weten precies waar ze zonder onnodige vleugelslagen het snelste vooruit kunnen komen. Hun trekroutes zijn zweefroutes. Net als zweefvliegtuigen benutten zij warme, opwaartse luchtstromen (thermiek).